Pen pal
De dag dat ik mijn man begroef, ontving ik de eerste brief… afkomstig uit de gevangenis. In de brief stond maar één zin: ‘Ik wacht voor altijd als het moet’. Eronder stond een naam die ik niet kende:…
Hoofdstuk 1
Het regent terwijl de kist van mijn man in een gat in de grond wordt neergelaten. Sterker nog: het giet, alsof de hemel op het punt staat in tweeën te scheuren… wat bij mijn hart al is gebeurd.
Hoofdstuk 2
Ik leg de brief achter in mijn ondergoedla en wil hem eigenlijk gewoon vergeten. Als er nog een komt, bel ik misschien de aardige rechercheur die me na het ongeluk heeft ondervraagd.
Hoofdstuk 3
Lieve Kayla, Je hebt niet op mijn vorige brief gereageerd. Wat ik begrijp, want je denkt dat we elkaar nooit hebben ontmoet. Je hebt het alleen mis.
Hoofdstuk 4
Ik sta naast het keukenraam met de brief in mijn handen en lees hem nog eens in het grijze middaglicht. Daarna nog eens.
Hoofdstuk 5
Beste Dante, Ik heb geen geld, dus ga maar op zoek naar iemand anders als je daarop uit bent. Serieus: ik ben blut.
Hoofdstuk 6
Ik heb even tijd nodig om mezelf bij elkaar te rapen, plens wat water uit de badkamerkraan in mijn gezicht en droog mijn ogen.
Hoofdstuk 7
De volgende ochtend om klokslag acht uur klopt meneer de charmeur op mijn deur.
Hoofdstuk 8
Hij ziet me meteen. Hij wilde net een slok nemen, maar zijn bierglas blijft halverwege zijn mond hangen.
Hoofdstuk 9
Lieve Kayla, Bedankt dat je me hebt geantwoord. Wat al je vragen betreft: geen ervan doet ertoe. Sorry als dat onbeleefd klinkt, maar het is de waarheid.
Hoofdstuk 10
Ik vond de brief deze keer in de brievenbus. Geen mysterieuze verschijningen op de keukentafel, maar nog steeds een groot mysterie waarom ik hem eigenlijk heb gekregen.
Hoofdstuk 11
Hoe het kan weet ik niet, maar zijn mond is zowel zacht als hard. Het wordt al snel duidelijk dat deze man niet alleen weet hoe hij een verpletterende, nauwelijks voelbare vlinderkus moet geven...
Hoofdstuk 12
Ik word wakker in Aidans armen, in het schemerige, grijze ochtendlicht. Mijn hoofd rust op zijn borst. Zijn hart bonst met een trage, gestage slag onder mijn oor.
Hoofdstuk 13
In schril contrast met zijn grommende woestheid toen hij me nam, is Aidan stil en teder terwijl hij mijn lichaam wast onder de warme douchestraal.
Hoofdstuk 14
We ontbijten bij hem thuis, waarna hij me in zijn busje terug naar huis volgt. Zodra we daar aankomen, wil hij per se eerst alles controleren voordat ik naar binnen ga.
Hoofdstuk 15
Ik ben van slag, maar voel me ook dapper: Jake is in het huis en het is klaarlichte dag. Dus besluit ik naar het water te lopen om pools hoogte te nemen.
Hoofdstuk 16
Beste Dante, Ik heb lang getwijfeld of ik je opnieuw een brief zou sturen, omdat ik denk dat je misschien instabiel bent.
Hoofdstuk 17
Het is drie uur ’s nachts als ik de brief afmaak. Ik ben al sinds één uur wakker en loop heen en weer door mijn werkkamer, omdat ik niet meer kan slapen.
Hoofdstuk 18
Voordat ik kan aankloppen, rukt Aidan de deur al open. Hij trekt me naar binnen, schopt de deur dicht, neemt me in zijn armen en kust me hartstochtelijk.
Hoofdstuk 19
Daarna praten we niet. Ik weet niet of hij dezelfde rauwe emoties voelt als ik, of misschien heeft hij gewoon niets te zeggen.
Hoofdstuk 20
Even later lig ik naast hem, mijn hoofd op zijn borst, mijn been over het zijne geslagen. Mijn lichaam zonder botten. Ik ben een kom bibberend gelei, trillend en uitgeput.
Hoofdstuk 21
Met een kloppend hart staar ik naar de munt. Mijn brein schiet alle kanten op, alsof het net een ratelslang heeft gespot.
Hoofdstuk 22
‘Luister goed,’ zegt Fiona, opnieuw zakelijk. ‘Ik moet je iets belangrijks vertellen.’ ‘Wat dan?’
Hoofdstuk 23
Beste Kayla, Ik had vroeger als kind een kat. Een oranje, cyperse kat, mager beestje. Hij had een hekel aan iedereen, behalve aan mij. Die kat hield van mij.
Hoofdstuk 24
Het is zaterdag. Deze week valt de regen gestaag, dag en nacht, afnemend tot motregen om vervolgens weer aan kracht te winnen en opnieuw op de doorweekte grond te beuken.
Hoofdstuk 25
Daarna ben ik een emotioneel wrak. Ik lig met mijn gezicht naar beneden op de bank, mijn kont in de lucht, snikkend in de kussens.
Hoofdstuk 26
Zondagochtend breekt aan met een strakblauwe lucht. De regen wolken zijn verjaagd door de zon, en voor het eerst in weken is het prachtig buiten.
Hoofdstuk 27
We liggen verstrengeld in elkaar op de aarde, zwaar ademend, maar verder stil. Dan kreunt hij en laat zijn gezicht in mijn nek zakken, zijn ogen verborgen.
Hoofdstuk 28
Ik bevries. Mijn hart slaat over. Het voelt alsof ik een trap in mijn maag heb gekregen. Ik leun tegen het portier om houvast te zoeken.
Hoofdstuk 29
‘Kayla? Gaat het?’ Aidan volgt mijn blik en kijkt over zijn schouder. Ik draai me snel terug naar de tafel en glimlach.
Hoofdstuk 30
Beste Dante, Zoals je ziet heeft mijn nieuwsgierigheid naar jou het gewonnen. Ik hoop dat het goed met je gaat. Met mij gaat het niet zo goed.
Hoofdstuk 31
Beste Kayla, Je vroeg of ik wijze woorden voor je heb. Het antwoord is ja. Hier zijn ze: Je hebt de storm niet onder controle, en je bent er ook niet in verdwaald. Jij bént de storm.
Hoofdstuk 32
‘Als ik wist wat al mijn donder en bliksem me vertelden, had ik jou niet om advies gevraagd!’ snauw ik tegen de brief in mijn hand.
Hoofdstuk 33
Beste Dante, Bedankt voor het advies. Maar als ik eerlijk ben, vond ik het waardeloos.
Hoofdstuk 34
Fiona vertelt me dat het morgenavond volle maan is, dus dat de seance meteen kan plaatsvinden. Ik heb geluk dat het zo snel kan, zegt ze.
Hoofdstuk 35
Fiona en Claire vinden me in een hoek van de keuken, ineengedoken op de vloer, mijn rug tegen de kastjes en mijn knieën opgetrokken tot mijn kin.
Hoofdstuk 36
Met grote ogen staar ik naar de munt en de ring, mijn hart bonkt, een schreeuw zit gevangen in mijn borst. Ik weet dat er iets cruciaals is wat me ontgaat.
Fiona
Toen ik Kayla vertelde dat geesten gewoon zielen zijn die een verhaal te vertellen hebben, was dat de waarheid. Maar het probleem met geesten is dat ze onbetrouwbare vertellers zijn. Zeker als ze dat verhaal aan zichzelf vertellen.
Aiden
Ik wist bijna vanaf moment één dat Kayla de ware was. Die ogen! Zo mooi, maar zo verdrietig.
Kayla
Terwijl ik aan de keukentafel zit en naar de trouwring in mijn handpalm staar, gaan al mijn herinneringen aan mijn huwelijk met Michael door mijn hoofd.
Kayla - oudjaarsavond
Wat wij geheugen noemen is het snijpunt van verbeelding en feiten. Herinneringen zijn de verhalen die we onszelf vertellen over de belangrijke momenten in ons leven.
Kayla
Wat wij geheugen noemen is het snijpunt van verbeelding en feiten. Herinneringen zijn de verhalen die we onszelf vertellen over de belangrijke momenten in ons leven.
Epiloog
Getranscribeerd uit de aantekeningen en de sessie-opname van 16 maart, afgenomen door dokter Patrick Templeman, forensisch psychiater...
Bonushoofdstuk
Het is al lang na middernacht. De kamer is donker en stil. Ik lig op mijn rug in bed...
